zaterdag 13 oktober 2012

Eindbetoog


Praag: 
Voor elke liefhebber van cultuur is Praag een absolute must. Het is een stad die prioritair op elke toerist zijn verlanglijstje zou moeten staan. Neem als je de stad bezoekt zeker avondkledij mee en ga uitvoerig dineren. Enkele Praagse fenomenen die je zeker moet gezien hebben zijn onder andere:
- de klokslagen aan de oude klok op het stadhuis, puur voor de toeristen
- de gigantische snelheid waarmee de roltrappen toegang bieden tot de metro
- het feit dat bij elke toeristische trekpleister de nadruk wordt gelegd op hun 'westerse toekomst' (in tegenstelling tot hun communistische verleden) 
- vanop een hogergelegen plaats aanschouwen hoe de horden op mieren lijkende toeristen zich een weg banen over de Karelsbrug. 
- tijdens de herfst glijden over de Václavské Náměstí die spiegelglad wordt gemaakt door de gevallen bladeren
- tijdens de herfst ook kijken hoe andere mensen glijden en vallen over bovengenoemde straat
- de vernieuwde en aantrekkelijke metrostations bewonderen
- de gigantische (ijskoude) wind die voorafgaat aan het arriveren van de metro
- de enorm beschilderde, beschreven, begraffitide muur aan de kleine zijde
- ….

Ik weet niet of onze paden opnieuw zullen kruisen, maar als die dat doen, zal het een blij weerzien worden, Praag. 


Berlijn: 
Na 4 dagen in Berlijn kan ik oprecht zeggen dat de stad mijn hart gestolen heeft. Ik heb het gevoel alsof ik nog niet 10% van de stad gezien heb. Alsof iedereen hier een uniek en überinteressant verhaal te vertellen heeft. 
- de manier waarop Berliners de Alexanderplatz simpelweg 'Alex' noemen
- de hyperurban S-bahn nemen die een kruising is tussen een tram en een trein op een hogergelegen platform
- je ergeren aan de horden tienertoeristen die de belevenis van het Joods monument verstoren
- het verschil tussen de kalme bijna verlaten ochtend op de Potsdamer Platz en de bruisende, ontploffende avond
- het currywurst-huisje op de weg van de Brandenburger Tor naar de Reichstag
- de metrostellen die beschilderd zijn met kleine Brandenburger Tors
- de verwondering van menig toerist als die te horen krijgt dat de toegang tot de Berliner Dom 6 euro kost
- Bus nummer 100 richting 'Zoologischer Garten' die altijd vol toeristen zit en geen meter vooruit gaat. 
- de ampelmännchen, de verkeerslichtmannetjes met hun hoedje
- de lokale troepen jongeren die rond 9 uur gezamenlijk hun weg naar ofwel de Alexanderplatz of de Potsdamer Platz zoeken. (Pijnlijk genoeg meestal door de metro)
- … 

Ik kom zeker terug want ik heb nog zoveel dingen niet kunnen doen, en hoe sneller hoe liever. Ik kijk uit naar ons volgend weerzien! 


Vol nieuwe creativiteit keer ik terug. En ga ik werk maken van mijn leven in België. 



vrijdag 12 oktober 2012

Ich bin ein Berliner


Een van Berlijns bekendste en duisterste delen van zijn geschiedenis is de Berlijnse muur. 28 jaar lang verdeelde die Berlijn in twee delen: Een Russisch-communistisch oosten en een Geallieerd-kapitalistisch westen. Jaren lang was het onmogelijk om deze grens over te steken. Het hele geallieerde westen werd door deze muur omsingeld waardoor het als een eiland opgesloten zat. Er werd zeer veel kapitaal in West-Berlijn gepompt waardoor het aantrekkelijker werd dan het steriel ogende oosten. 

Vandaag zie je als buitenstaander niet erg veel meer van de verschillen tussen oost en west. Door mijn zwerftocht door de stad loop ik onbewust van oost naar west. Over, onder en op de grens. Als ik de metro neem reis ik waarheen ik wil, stap ik uit waar ik wil en spreek ik met wie ik wil. Maar je ziet dat de stad nog steeds zijn wonden likt. Als je bijvoorbeeld de S-bahn neemt richting Warschauer straße en vervolgens over de brug loopt die naar de U-bahn leidt, krijg je een klein beetje een idee wat er al gebeurd is in de stad en wat er nog staat te gebeuren. Aan de ene kant een sterke Skyline die getuigt van die Duitse rijkdom, en aan de andere kant een vervallen, haast verlaten stadsdeel dat pijnlijk staat te eroderen. 

Maar Berlijners hebben geleerd om sterker te zijn. Ze zitten niet in een hoekje weg te kwijnen met spijt over hun verleden of afkomst. Aan de ene kant zie je het tegenovergestelde, op elke hoek van de straat zie je een verkoper die toeristen aanspreekt om zijn waren te verkopen. Geen gewone typische toeristen-spullen maar Russische mutsen, nepgranaten, gasmaskers, … Alsof ze met zelfspot proberen om het heden wat milder te maken. 

Aan de andere kant zie je ook de vernieuwingslust van Berlijn. Het stadsbestuur is vastberaden om op termijn alle littekens zorgvuldig weg te werken. Berlijn is dan ook de grootste bouwput van Europa. Momenteel ligt de hele hoofdas van de stad (Unter den Linden) open. Maar ook de staatsopera, verschillende musea en ontelbare plaatsen voor infrastructuur worden onder handen genomen. 

Maar Berlijn is arm. Met een stadsschuld van 60 miljard euro en een werkloosheidsgraad van 15% (met lokale uitschieters tot 40%) is het de zwakste economische regio van het immer sterke Duitsland. De sterkte van Berlijn zit hem juist in die armoede. Huren kost hier in vergelijking met andere Europese steden weinig waardoor het zeer veel creatieve geesten aantrekt. Er heerst en hoge tolerantie en de algemene Berlijnse mentaliteit maken dat Berlijn barst van creativiteit en leven. 

Om het met de woorden van burgemeester Klaus Wowereit te zeggen: Berlin is poor, but sexy. 

donderdag 11 oktober 2012

Elke centimeter bezienswaardig.

Energie, energie, energie! Ik kan het niet genoeg zeggen maar deze stad bruist van de energie. Elke dag ontdek ik nieuwe leuke hotspots en drukke wijken. Zo is er de meest centrale 'Unter den Linden', de ietwat chaotische Alexanderplatz, de hypermoderne Potsdammer Platz, de wijk ten noorden van de Friedrichstraße, rond de Kurfürzendamm en ga zo maar door. Zeker 's avonds zijn dit echt dé buurten om het bruisende aspect van Berlijn te ontdekken. 

De stad barst ook zowat uit zijn voegen. Op elke hoek van de straat vind je leuke winkeltjes, caféetjes, boetieken, galerieën, open kantoren,… De Berliners kunnen zelf niet bijhouden wanneer er (weer) een nieuwe zaak opengaat. Op vlak van bezienswaardigheden is er ook keuze genoeg. Zo is er het museumsinsel, een eiland op de Spree met 5 musea waaronder het befaamde Pergamonmeuseum. Zijn befaamdheid krijgt hij niet voor niets. Naar mijn mening een absolute must voor wie Berlijn bezoekt. Jammer genoeg kon ik niet de hele collectie bekijken aangezien tot 2015 een groot deel ervan gerenoveerd wordt. Maar de belangrijkste heb ik  sowieso kunnen bewonderen. Zo is er de Ishtarpoort, een stenen poort die in de oudheid de toegang vormde tot het rijk Babylon. Het is een schitterende tentoonstelling van de rijkdom van het oude Babylon. Op nog geen 50 meter daarvan staat dat andere pronkstuk van het museum: De tempel van Pergamon. Net zoals de Ishtar-poort is deze naar Berlijn gebracht en in het museumgebouw terug opgesteld. Griekse en Babylonische architecturale juwelen uit twee verschillende periodes uit de menselijke geschiedenis beleven hun glorietijd opnieuw binnen een straal van 500 meter. Naar mijn mening mag het Pergamonmuseum voor Berlijn in het rijtje gaan staan van het Louvre, het Britisch Museum en het Prado. 

Maar er is nog een museum dat ik zeer kon smaken: het Joods museum. Naar de architectuur van Daniel Liebeskind is het een emotioneel opgetrokken constructie die je niet alleen vertelt over de geschiedenis van de Joden en de Holocaust maar ze je ook laat beleven. Sommige ruimtes in het museum zijn zo opgebouwd dat je mits wat eigen interpretatie een beeld kan schetsen van hoe de Holocaust moet aangevoeld hebben. 

Voor wie even weg wil van die energie is er een zeer goed alternatief: de Tiergarten, vroeger jachtvelden voor de Pruisische adel nu een gigantisch park in het midden van de stad. Een park zo groot en glorieus dat het zijn Europese collega's schaamteloos een slag in het gezicht geeft. 

Ik trek verder door Berlijn terwijl die mij verder en verder verleidt. 

woensdag 10 oktober 2012

Berlin, Baby!


5 uur duurt het om van het centrale station in Praag naar Berlijn Hauptbahnhof te reizen. Ik zit duidelijk in de betere wagon want naar verluid werden er in de volgende wagon baby's verschoond en dergelijke. Datzelfde Hauptbahnhof in Berlijn is een immens grote en min of meer logisch opgebouwde constructie. Ik wil naar het klantencentrum van de openbaar-vervoer maatschappij van Berlijn gaan, maar daar staat een rij van zeker 10 meter aan te schuiven en om eerlijk te zijn weet ik ook niet goed hoe de metro in Berlijn werkt, want het is een van de ingewikkeldere die ik al gezien heb. Ik besluit om gewoon een taxi naar het appartement te nemen. In ongeveer 15 minuten kom ik daar aan. Dit maal verblijf ik niet in een volledig appartement maar huur ik een kamer (zimmer) in het appartement van iemand anders. 

Als ik aan de ingang van het steriele communistisch-ogende appartementsblok sta krijg ik het plots wel heel warm als er niemand bij het desbetreffende huis de parlofoon opneemt.  Ik bel naar de gsm-nummer die ik op mijn reservatie vind maar ook daar neemt niemand op. Uiteindelijk, na 3 keer bellen aan de parlofoon, neemt er iemand op. Na mij voorgesteld te hebben zeg ik in mijn allerbeste Duits: 'Ich habe ein zimmer reserviert hier.' Antwoordt de jongeman: 'Heute?' 'Genau Heute. Bis Freitag' zeg ik een beetje nerveus. 'Ok', zegt de man en laat me binnen. Blijkbaar had de jongeman van rond de 25 de reservatie over het hoofd gezien en had nog een uurtje nodig om de kamer op orde te krijgen. Ik trek intussentijd de stad in. 

Als je van Praag komt geeft Berlijn je een beetje een cultuurshock. De architecturale uniformiteit uit vervlogen gouden periodes maken ijskoud plaats voor een nooitgeziene mix tussen historisch geredde panden, communistische functionaliteit en het nieuwste in de moderne architectuur. Ik kan Berlijn en zijn inwoners met geen enkele stad vergelijken. Het heeft de coolheidsfactor van Stockholm, de levensmentaliteit van de Parijzenaars, een portie cultuur zo groot als die van Rome en ja het moet gezegd misschien wel een klein beetje de bangelijkheid van Antwerpen. Maar er is hier één ding dat ik nog nooit in zulke mate gezien heb: de Berlijnse energie. Om een indruk te krijgen van zo'n 'stedelijke energie' moet je natuurlijk naar hier komen. Maar in een dikke twintig jaar sinds de val van 'de muur' heeft waarschijnlijk die Berlijnse energie ervoor gezorgd dat de stad is omgevormd van een verziekte puinhoop tot een moderne en bloeiende stad die ik met veel plezier de volgende dagen zal verslinden. 

Berlin, sind sie schon fertig?

maandag 8 oktober 2012

Tsjechië of Oekraïne? (2)


De volgende dag heb ik afgesproken met John om in dienst te gaan en doen straatwerk in de metrohaltes aangezien het vreselijk regent. We hebben maar een paar gesprekken maar die zijn echt de moeite waard. 
Daarna nodigt John me uit op een feestje dat hij organiseert. We trekken nog langs mijn appartement om me om te kleden en ik volg. Hij neemt me mee naar de rand van de stad, waar zijn appartement is. Samen met nog enkele andere jongens uit de Oekraïense gemeente ruimen we op en maken we de eerste voorbereiding voor het eten. Stelselmatig druipen de gasten binnen. En dan gebeurt er iets dat ik in onze Belgische cultuur niet kan inbeelden. In plaats van dat ze gewoon plaatsnemen en verwachten entertained te worden gaan ze allemaal (ook degenen die nog nooit in John's appartement geweest zijn) naar de keuken om te helpen met het eten. En niet zomaar helpen. Drie dames beginnen binnen een minuut na aankomst met het deeg te maken, de anderen zijn dan al bezig met de drank, de afwas en zelfs een laatste beetje stofzuigen. Het lijkt allemaal instinctief, alsof hun onderbewustzijn zegt dat dat is wat ze moeten doen. Alsof dat een Oekraïense sociale regel is waar iedereen zich onbewust aan houdt. 

We maken een soort van dumplings met een vullingmix van aardappelen en wat lijkt op een Royco-soep-poeder. Als het deeg klaar is wordt er een klein tafeltje uitgekozen dat met bloem en een krachtige Italiaanse armbeweging wordt omgedoopt tot werktafel. Een man bewerkt het deeg vurig en snijdt met behulp van een glas cirkelvormige stukken deeg uit. Met zijn zevenen zitten we rond tafel en vullen we die stukken met de puree en pletten we ze tot dumplings. Ondertussen  komen er meer gasten binnen die ogenschijnlijk routineus beginnen met het marineren van het vlees. Te midden van al dit gewoel sta ik. Ik observeer en glimlach ook al versta ik geen woord van wat er gezegd wordt. Af en toe vertaalt John wat er gezegd wordt. Het lijkt wel één groot Oekraïense gezin dat blij is na een lange dag weer bij elkaar te zijn. 

Als iedereen gearriveerd is, zetten we ons op de grond rond een geïmproviseerde tafel. De gerechten volgen zich zeer atypisch op. Eerst komen de dumplings aan de beurt, die zijn ondertussen vermengd met stevige boter en geserveerd met een soort van roomkaas die verdacht veel kenmerken van mayonaise heeft. Het fruit en de chocolade staan daarna op het menu. Ook het gebak dat een van de vrouwen maakte wordt gesmaakt. 
En dan als je denkt dat het afgelopen is komen er nog 3 gangen van vlees en brood langs je neus. Het hele maal wordt ondersteund door een molen van verhalen en gelach. De meest onmogelijke verhalen over Tsjechische maffiosi worden geserveerd met een Oekraïense enthousiasme van formaat. Het is een heerlijke avond en het afscheid valt zwaar, ook al heb ik maar 2 dagen met deze mensen doorgebracht. We wisselen contactgegevens en zeg onnoemelijk veel keer 'Bye'. 

Op naar andere oorden nu, op naar Berlijn! 

Tsjechië of Oekraïne? (1)


Zondag loop ik door het nieuwe deel van de stad. Er ligt een prachtig park temidden van een drukke laan. Plots zie ik naast me een man uit een gebouw komen. Hij duwt een kinderwagen vooruit en heeft een pak aan. Dat kan niet anders: getuigen! Ik keer om en blijf langs het bewuste gebouw staan. Via de website had ik al proberen op te zoeken waar er gemeentes in de buurt van het centrum lagen maar dat leek minder vanzelfsprekend dan ik dacht. Maar ineens had ik er een gevonden. Ik stap het kleine halletje binnen en een oudere mevrouw die duidelijk geen Engels kan roept er iemand bij. Een man komt me tegemoet, zijn naam is Jovani, maar ik moet hem John noemen. Hij nodigt me uit om mee naar het programma te komen luisteren, ik aarzel even omdat ik in mijne gewone kledij ben en de hele dag heb rondgelopen op de Praagse burcht. Maar ik stem in en volg John nieuwsgierig. Ik kom terecht in een kleine garderobe/hal. Hier staan een 20-tal stoelen opgesteld om meer plaats te maken daar de hoofdzaal volledig vol zit. John reikt me een Engelstalige Wachttoren aan en ik volg de laatste 10 paragraven van de vergadering mee. Ik versta er dan wel geen woord van, maar dat hoort bij de charme van een wereldwijde eenheid. 

Na de vergadering kom ik te weten dat dit geen Tsjechische gemeente is maar een Oekraïnse. Blijkbaar verblijven veel Oekraïners in Tsjechië omdat de werkgelegenheid in hun eigen land zich op een laag pitje begeeft.  En waarschijnlijk omdat Tsjechië op vlak van cultuur en taal beter aansluit op wat ze kennen in tegenstelling tot de echte West-Europese landen. Veel mensen komen nieuwsgierig naar me toe en stellen zich voor. Maar ik kom al gauw tot de conclusie dat ze hier niet echt veel Engels praten. Ik kan met moeite communiceren maar met behulp van gebaren en tekeningen komen we er. 

Als we terug buiten zijn, nodigt John me uit om met wat broeders en zusters pizza te gaan eten. Ik stem wederom in en stap mee de auto in. Ik raak helemaal de draad kwijt als Anatolio, de chauffeur, zich een weg baant door het plakkende spinnenweb van straten. Er staat mij een boeiende avond te wachten waar ik uitvoerig vertel over het leven in België met zinnen als: "Nothing free in Belgium" en "добре добре" (goed, goed)  
 en mijn demonstratie van de Franse taal die met een uitbundig lachen wordt onthaald. Vreemd genoeg leer ik dus meer over de Oekraïnse levenswijze dan van de Tsjechische. 

Na een heerlijke avond bedank ik iedereen en zetten John en Anatolio mij af aan mijn appartement. Uitgeput maar tevreden val ik in slaap. 

zondag 7 oktober 2012

České tradice 1


Geld: 
Die Tsjechische kronen zijn wel wennen. Een euro is ongeveer 24 kronen waard en toeristen worden natuurlijk op weerzinwekkende manier uitgebuit. Zo betaal je makkelijk 5 euro voor een flesje cola en als je niet goed oplet heb je een informatieboekje van 20 euro aan je been gesmeerd. En een ticket kopen voor een bepaalde bezienswaardigheid of attractie is niet zo eenvoudig als je in eerste instantie zou denken. Voor de bekende Joodse begraafplaats bijvoorbeeld kan je geen individueel ticket kopen, maar ben je verplicht om een soort van combi-ticket aan te schaffen. Die geeft toegang tot 5 'Joodse' attracties maar kost je wel zo'n 350 kronen, 16 euro. Veel geld als je alleen maar het kerkhof wil bezoeken. Hetzelfde verhaal op de oude burcht, de bakermat van de stad. Een toegansticket tot een van de musea moet worden gekocht in de vorm van een combi-ticket. Ook een bezoek aan de meeste kerken en basilieken kan alleen mits een ticket.

Maar daarbuiten is het leven hier redelijk tot zeer goedkoop. Mijn eerste avondmaal nuttig ik in 'Restaurace Como', het lijkt me een chique restaurant waar enkele  gasten in avondkledij zitten te aperitieven. Ik stap binnen in mijn regenjas en All Stars en vraag naar een tafel voor 1. Ik maak duidelijk dat ik zal eten, en men biedt mij een tafel aan. Ik neem een tweegangenmenu. Goulash-soep en stoofvlees met bier op Tsjechische wijze met traditioneel brood. Ik kies ook nog een overigens uitstekende wijn en een fles water. In totaal kost mij dat 600 kronen, nog geen 25 euro dus.

Ook als ik enkele dagen later de supermarkt bezoek sta ik versteld van sommige prijzen. 12 eurocent voor een Berlijnse Bol, een halve euro voor een (belachelijk groot) brood en een euro voor een multipack uien (ong. 40 stuks). Aan de andere kant liggen de prijzen voor kledij aan de hoge kant en door de stand van de Tsjechische kroon betaal je bij de West-Europese en Amerikaanse ketens in verhouding meestal meer dan dat je dat in eigenland zou doen. 

Boeken: 
Tsjechen zijn verslaafd aan boeken. In de metro heeft zo goed als iedereen een boek of een van die Amazon Kindles vast. Ze identificeren zich er ook mee, omdat het een deel is van hun cultuur en achtergrond. Daar waar je in België per middelgrote stad één deftig uitgeruste boekhandel vindt, zijn er in Praag wel honderden. Het zijn de interimkantoors van Praag, de ene naast de andere, elkaar doodconcurrerend. 

zaterdag 6 oktober 2012

Praha


In het station word ik overspoeld door nieuwe ervaringen. Een Slavische taal met de verwarrende diakritische tekens omringt mijIk koop tickets voor het openbaar vervoer en ga op zoek naar mijn appartement. Met de tram doorkruis ik het centrum en krijg ik mijn eerste indrukken van de stad. Ik moet spontaan denken aan Boedapest. Het duurt een half uur vooraleer ik bij de halte U Zvonu afstap. Gelukkig heeft de host van mijn appartement mij duidelijke instructies gegeven over het traject van het station naar het appartement. 
Ik verblijf in een buitenwijk van Praag en laat die nu net in een heuvelachtig gebied liggen. Geen lachertje om je bagage een steile helling met slecht aangelegde voetpaden op te slepen. 

Het appartement is ruim en proper. Alleen de afwezigheid van voldoende dekens en dekens die groot genoeg zijn voor mijn lompe lijf zal mij diezelfde nacht storen. De man die me binnenliet is rond de 50 en volgens de deurbel heet hij Stanislav. Hij rammelt een ingestudeerd tekstje af waarin hij me duidelijk maakt waar we ons bevinden, geeft me de sleutels en wenst me veel plezier. Na (eindelijk) een douche te hebben genomen trek ik eropuit. 

Te voet ga ik van de buitenwijk naar het centrum. Het is een fantastische eerste aanraking met de stad. Ik steek de rivier de Moldau over en plots waan ik me weer over de Donau in Boedapest. Statige, veelkleurige gebouwen sieren de kaaien en laten me kennismaken met de prachtige historische en architecturale rijkdommen van deze stad. Ik trek naar een van de belangrijkste straten van de stad: de Václavské Náměstí. Hotels uit gouden tijden en winkels met sterallures sieren deze grote laan en als superieure kroon op deze opeenvolging van stedelijke kastelen staat het Nationaal museum. Een prachtig majestueus gebouw dat symbool staat voor het Tsjechische nationaal bewustzijn. 

Op die  Václavské Náměstí loop ik mijn eerste Starbucks binnen. Daar verandert de barista mijn naam in Jessie J. Laat ik het opvatten als een grapje. Daar sla ik de kaart van Praag open en probeer grip te krijgen op de immense stad. Vandaag verken ik het alom bejubelde oude centrum. Woorden komen te kort om de grootste trekpleister, de oude markt, te beschrijven. Je kan hier makkelijk een dag rondhangen zonder het beu te worden. Maar hier komt weer een kritische kant van mij naar boven. Ik word gek van de massa's toeristen die hier staan. En elk uur als de klok aan het stadhuis slaat (dé absolute toeristenmagneet van Praag) staan er duizenden toeristen muisstil naar het schouwspel te kijken. Ik vind er persoonlijk niet veel aan en vind de hele uitvoering lijken op een ingewikkelde versie van de bewegende klok in het Wijnegem Shopping Center, maar ik veronderstel dat het oude karakter er dan voor iets zal tussenzitten. Als de show is afgelopen blaast een trompettist vanboven op de toren van het stadhuis een korte melodie en herhaalt die aan elke kant van de toren. Als hij begint te spelen barst de hele menigte uit in vreugdekreten alsof ze net een Olympische medaille gewonnen hebben. En dat vier keer op een rij: Zuid, Oost, Noord, West. 

Ik hang ongeveer een uur rond op het plein, volledig geobsedeerd door het plein en de mimiek in de beelden. 
Dan wordt ik aangesproken door twee jongens van ongeveer 16 in het Engels met een zwaar accent. Ze zijn bezig met een opdracht voor school en zeggen dat ze uit Nederland komen. Ik onderbreek hen daar en zeg dat ze ook Nederlands kunnen praten. "Oh God Zij Dank" zegt de ene opgelucht. De andere is minstens even gelukkig want hij staat te trappelen alsof hij op hele kolen staat. Ze stellen me vragen over mijn leven in België, over belang van familie, werk, etc… Ze nemen nog een foto van me en zijn terug weg. Daar moet je dus voor naar Praag gaan.. 

Ik kom na het schrijven van dit alles tot de conclusie dat ik onmogelijk de algemene indruk en pracht van deze stad kan overbrengen. En als je echt wil weten hoe deze stad aanvoelt zal je naar hier moeten afreizen. Mijn verdere vertellingen zullen meer een weerspiegeling zijn van mijn eigen conclusies en geen opsommingen van mijn activiteiten. Alleen als dat van waarde kan zijn voor de lezer. 


vrijdag 5 oktober 2012

Derde Traject: Keulen - Praag


Dit is het dan. Misschien wel het spannendste deel van mijn reis: de nachttrein naar Praag. De trein staat gepland te vertrekken om 22u28 maar hij laat op zich wachten. De zenuwen gieren door mijn lijf wanneer ik op het perron sta. Elke trein die de Hohenzollernbrücke over komt hou ik goed in de gaten. De omroepster kondigt het arriveren van de CityNightLine aan en als ik die over de brug zie komen gaat het in mijn hoofd: 'Waar ben ik aan begonnen'. De trein is een vreemde samenstelling van treinstellen uit verschillende delen van Europa. Er zitten Nederlandse wagons bij maar ook Duitse, Russische, Tsjechische en vreemd genoeg ook Spaanse. Op mijn wagon prijkt de naam van de verbinding: Kopernikus! De trein komt van Amsterdam en dat zal ik geweten hebben aangezien in mijn slaapcoupé al 3 Nederlandse dames. Ze zitten waarschijnlijk al van een uur of 9 op de trein en slapen bijgevolg al. Het is een heel gedoe om het huishouden van koffers en zakken in het donker en zonder al te veel lawaai te maken op te bergen. Bij mij lukt dat redelijk goed, maar de twee anderen die ook in Keulen opstapten hadden er meer moeite mee. 

Natuurlijk slaap ik helemaal bovenaan waar er helemaal geen plaats is. Daarbij moet ik een laddertje opklimmen dat blijkbaar een paar onderdelen mist, met als fantastische gevolg dat ik in al mijn enthousiasme plat op mijn rug de grond op ga. Wanneer ik eindelijk boven ben geraakt en iedereen zo goed als slaapt heb ik moeite om de slaap te vatten. Misschien was die laatste Americano er te veel aan of misschien ben ik nog te hyperactief van de zenuwen die een uur geleden door mij stroomden. En dan als je denkt dat je in slaap gaat vallen begint de dame op leeftijd aan de overkant grandioos te snurken. En als ik zeg grandioos bedoel ik ook echt grandioos. Ik pak mijn laptop en begin dan maar aan een pak series. Uiteindelijk zal het 4 uur zijn vooraleer ik de slaap vat. 

Die slaap was echter niet van lange duur want een half uur later komt de conducteur de drie Nederlandse dames wakker maken omdat we bijna in Berlijn aankomen. Wanneer ze eindelijk weg zijn (het duurde meer dan 20 minuten vooraleer ze hun bagage bij elkaar gezocht hadden) lukt het mij veel beter om te slapen. 

Ik word opnieuw wakker rond half 8 en besluit om mij te gaan opfrissen. Ik merk dat nu ook het andere meisje, dat samen met mij in Keulen opstapte, ook weg is. Ze zal waarschijnlijk in Dresden zijn afgestapt. Nu ligt alleen nog een oudere man in de coupé. Wat daarna gebeurde kan ik moeilijk verklaren. Ik ga naar een van de kleine lavabo-ruimtes die geïnstalleerd zijn om de reizigers de mogelijkheid te geven zich op te frissen. Ik wurm mezelf het kamertje in en begin spontaan te lachen zonder enige reden. Ik blijf lachen en ga met pijn in de buik, voor zover dat dat mogelijk is, op de grond zitten. Het duurt bijna een volledig kwartier om mezelf terug bij mijn zinnen te laten zijn. Misschien zaten die Nederlanders er voor iets tussen.. 

Met tien minuten vertraging kom ik aan in Praag. Ik neutraliseer de beveiliging en trek met de nodige kracht de rode hendel open. De deur zwaait met veel hoge tonen open en denk bij mezelf: Here we go again. 



Keulen (Heen)


Rond de middag stap ik af in het Hauptbahnhof van Keulen. In de aankomsthal sta je bijna onder het bekendste gebouw van Keulen, zijn Dom. Nadat een machine mijn bagage blijkbaar in de grond meeneemt ga ik op pad. Het verkeerde pad zo blijkt want ik dwaal bijna een uur lang rond in een buitenwijk van Keulen op zoek naar het centrum. Ik beland zo terug bij de Dom en ga nu in de juiste richting. 

In de Hohe Straße, de grootste Winkelstraat van Keulen is het opvallend druk, ondanks dat alle winkels gesloten zijn. Ik zet mij binnen voor koffie en de eerste bui dient zich aan. Die verdwijnt even snel als ze gekomen is en met een Nougat-muffin zoek ik de voornaamste bezienswaardigheden op in Keulen. Zo ontdek ik dat Keulen meer dan een miljoen inwoners heeft. Dat is dus evenveel als het metropole Brussel en de vierde grootste stad van Duitsland. Toch heeft de hele stad een zeer compacte samenstelling.

Ik trek via de Deutzer Brücke de Rijn over. Het uitzicht doet mij denken aan Rotterdam. Een skyline van verwaande hypermoderne architectuur gegoten in projecten die enkel toegankelijk zijn voor de Happy Few. Aan de andere kant van de rivier staat mij na een wandeling de skyline van de stad te wachten: De Hohenzollernbrücke die toegang geeft tot de immense Dom. De brug hangt vol met de alombekende gegraveerde slotjes. Maar zo talrijk als hier heb ik ze nog niet veel gezien. In alle kleuren, vormen en uitvoeringen geven ze de anders zware, kille brug een verwarmende hippie-toets. 

Weer aan de andere kant aangekomen bezoek ik het Ludwig-museum. Ik heb er veel over gehoord en ben dus benieuwd of het de moeite is. Het museum bevat een indrukwekkende verzameling hedendaagse kunst. Op een paar stukken na, loop ik eerder vlot door het museum en sta al gauw terug buiten. Ik kom tot de conclusie dat ik niet echt geloof in 'moderne kunst'. Althans niet de meeste werken die hier tentoongesteld staan. Ik kijk al uit naar de musea die ik zal bezoeken in Berlijn, waar échte meesterwerken liggen. Waar een verhaal aan vast hangt en die moeiteloos emotie doet opwellen. 

Het meest onder de indruk ben ik van de Dom. De 157 meter hoge torens steken puntig de donkergrijze lucht in. Het zwarte marmer is op zijn zachtst uitgedrukt indrukwekkend, maar ik verkies de term angstaanjagend. Overal waar ik in de stad ga voel ik de kathedraal over mij hangen. Alsof het elke stap die ik zet volg, en elk contact dat ik maak beoordeel. Alsof mijn woorden worden berispt en elke gedachte op de drukbelopen straten worden gegooid. Als ik mij in deze moderne maatschappij al zo voel, hoe moet iemand zich dan in de strikt katholieke samenleving van 100 jaar geleden zich gevoeld hebben? Iemands extreme vroomheid zou misschien worden beloond met een behaaglijk gevoel van bescherming en zekerheid. Maar voor de meeste mensen zal de kathedraal een vloek geweest zijn. Mijn afschuw voor de methodes van de katholieke kerk groeit zienderogen. 

Het is al donker en hoe graag ik ook de verlichte skyline wil bewonderen, het regent te hard om mij nog naar buiten te begeven. Zeker met de gedachte dat ik een hele nacht in een slaapcoupé met 6 andere mensen moet slapen. Ik zet mij dus voor de volgende 3 uur bij Starbucks met het mijn gedachten, enkele americano's en een gezonde portie sitcoms. 

Nu kan het echte werk beginnen. 


donderdag 4 oktober 2012

Aken (2)


Zoals in de meeste niet-Belgische steden, zijn de winkels hier lang open. Tot 8uur of zelfs half 9. Tijd genoeg dus om wat lokale winkels te ontdekken. Zo is er 'Mayersche' een soort van 'Standaard Boekhandel' maal 4. Ohja en maal 200 als je het op vlak van uitvoering bekijkt. Nadat ik mezelf een boek cadeau deed, zet ik me bij 'Backwerk', de lokale panos, maar 2 keer zo goedkoop. 

Wanneer ik aan het stadhuis van Aken sta (een van de bezienswaardigheden van Aken) valt mijn oog op een Starbucks-filiaal. (Toegegeven, ik heb een kleine obsessie). Ik ben in de wolken, en ga binnen. Het is het enige filiaal in de stad en schaf me mijn eerste SB-tas aan. Tevreden geniet ik van mijn Vanilla Latte en een Ham&Cheese Sandwich. Om half 9, geef ik het op voor de dag. Koffiehuizen en winkels sluiten en Aken loopt een beetje leeg. Ik ga terug naar mijn hotelkamer en sluit de dag af met twee afleveringen van Friends. 

Als ik de volgende dag opsta, heb ik nog geen flauw benul wat er op de planning staat. Ik weet alleen dat ik naar Keulen zal reizen om daar 's avonds de nachttrein naar Praag te nemen. Voor dit alles geniet ik nog van het ontbijt in het hotel. Mijn enige hotel-ontbijt overigens. Het valt me op hoeveel gasten er alleen in het hotel verblijven, al weet ik niet met welke doeleinde zij dat doen.

Ik besluit om de vroege trein naar Keulen te nemen en dus meteen uit te checken. De man achter de receptie overhandigt me een kaartje en laat met duidelijk mimiek blijken dat hij geen held in Engels is. Hij duwt er een schamele "back-up" uit terwijl hij mij een visitekaartje geeft. Hij bedoelde dus 'feedback', op het visitekaartje staat een website waar ik mijn mening kan geven. Rare jongens, die Duitsers. 

Als ik buitenkom word ik zonder overdrijven bijna omvergeblazen door de sterke wind die er staat. Ik zucht diep, want ik weet dat ik hetzelfde ellenlange traject naar het station met al mijn bagage nogmaals zal moeten afleggen. Aangekomen in het station zie ik overal informatieborden over de staking in België. die beïnvloed een groot deel van het treinverkeer in Aken daar het maar vlak over de grens met België ligt. Maar de Duitsers hebben hun voorzorgsmaatregelen genomen. Er zijn bussen voorzien die reizigers van en naar Brussel voeren en er staan minstens twee informatiekiosken waar folders worden uitgedeeld over de staking. 

Wanneer ik op de trein zit en die vertrekt merk ik dat er nog redelijk wat andere bezienswaardigheden zijn buiten Aken. Maar daar is het grandioos te laat voor. 

Op nu naar Keulen. 


woensdag 3 oktober 2012

Aken (1)


Het is nu zo'n 4 jaar geleden dat ik in deze stad was, toen we in schoolverband een daguitstap met de bus maakte. We bezochten toen de voornaamste bezienswaardigheden als de dom, de ruïnes van de oude stadsomwalling, het stadhuis en de pleinen. 

Het station van Aken is klein maar functioneel en heeft een typisch Duitse architectuur. Als ik buitenwandel kom ik al gauw enkele typische Duitsers tegen. Blond-harigen, bruin-harigen en bruinharigen die hun haar blond hebben geverfd. Zo van dat piekhaar waarvan alleen de punten blond zijn. En dan stel ik mij de vraag of Duitse mannen dat met opzet doen of dat hun haar gewoon een vreselijke uitgroei heeft. Het lijkt wel alsof ze in een soort van identiteitscrisis zitten omdat ze enerzijds een deel willen uitmaken van  de groep Duitsers met die stereotype kenmerken en anderzijds niet geassocieerd willen worden met dat stereotype vanwege zijn afschuwelijk historische achtergrond. 

Ik kom tot het zielige besef dat ik de afstand van het station tot aan het hotel totaal onderschat heb. Er wacht mij dus een kilometerslang gezeul met mijn bagage. Maar het loont de moeite, het hotel is klein maar proper en de kamers zijn gezellig ingericht. Bij het inchecken moet ik nog rechtzetten dat ik niet van Denemarken afkomstig ben maar van België. De hotelreceptionist vraagt me ook nog van welke stad ik kom en zeg volmondig en onbewust: Antwerpen. En kom pas 5 minuten later tot het besef dat ik technisch gezien Herentals had moeten zeggen. "Antwerp, very beautiful city!" lacht hij me toe met een halfenthousiasme dat alleen Duitsers kunnen uiten. Ik weet dat hij dat waarschijnlijk bij eender welke stad had gezegd, maar toch denk ik bij mezelf: "I like this guy." 

Het is half 5 en ik trek de stad in. Meteen merk ik enkele ongewone karaktertrekken op van de Duitsers. Zo word ik waar ik ook kom aangestaard. Het is alsof ik aan bepaalde standaarden moet voldoen om een zeker vorm van sociale erkenning te krijgen. Misschien lok ik het ook gewoon uit, met mijn semi-toeristische rugzak, mijn zonnebril en mijn dikke sjaal rondom mij. Ik trek naar de adalbertstraße, de voornaamste winkelstraat van Aken. Hier heb ik enkele mijlpalen gezet in mijn leven. Zo at ik hier (op 16-jarige leeftijd) voor het eerst een McFlurry, kocht ik mijn eerste cd van The Hives en schafte ik mijn eerste paar All Stars aan. 

Nostalgie alom. 

Manneke Vis (Sorry, dat was lame)


dinsdag 2 oktober 2012

Eerste traject: Brussel - Aken


Angstaanjagend confronterend, deze reis door het Vlaamse binnenland. Aan hoge snelheden reis ik langs gemeenten als Erps-Kwerps en Kortenaken. Ik had geen idee dat dit deel van België zo ontwikkeld was. Station na station heerst er een uniformiteit van formaat. Moderne stations quasi volledig in glas opgetrokken, razen aan een hels tempo voorbij. Dat in groot contrast met het bouwvallig krot waar ik elke dag opstap. Veel uniforme maar spiksplinternieuwe wijken in lelijke rode baksteen rijzen omhoog vanachter de kunstberm die aangelegd is om het lawaai van het HST-verkeer te dempen.  De trein maakt een bocht en plots sta ik oog in oog met de spitse toren van de universiteitsbibliotheek van Leuven. Het feit dat we ook dit station, aan een verminderde snelheid weliswaar, achter ons laten is in een vreemde vorm angstaanjagend. 

Zonder waarschuwing zit ik in het Vlaamse Hageland. Voorstedelijke functionaliteit maakt plaats voor nostalgische wijn-en boomgaarden. We halen topsnelheden van 250 km/h en daardoor maakt het glooiende landschap al gauw plaats voor het stedelijke gewoel van Luik, na Brussel-Noord onze tweede halte. 

Het station van Luik-Guillemins is er eentje om te vermelden. Ik had het al vaak op tv gezien vanwege zijn architectuur maar ook vanwege zijn omstredenheid, maar ik denk dat het past in onze Belgische traditie om van onze grotere stations een visitekaartje te maken. Van hier uit zal ik vlug in Duitsland zijn. Dus schakel ik mijn dataverkeer op mijn gsm uit. Die zal ik niet meer terug aanzetten tot vrijdag 12/10, en daarmee stijgt ook de fysieke spanning. 

Tot over 11 dagen België. 


Wind van voren.

Regen, een fantastisch begin van mijn avontuur. Regen. Het is dinsdag 2 oktober en ik begin met een regenjas aan mijn avontuur. Eigenlijk een dag te vroeg, want volgens het oorspronkelijke plan zou ik pas morgen vertrekken. Laat me even een beeld schetsen waarom dat NIET is gebeurd. 

Het originele plan: 
Maandag ben ik naar het Connections-filiaal in Leuven geweest om mijn treintickets te boeken. De reisagente regelde het zo dat ik in de namiddag van woensdag 3/10 naar Brussel zou reizen, vervolgens naar Keulen en daar de nachttrein richting Praag zou nemen. Dat was dus allemaal in orde, ik maakte de betalingen en begon me voor te bereiden op de reis. 

De staking
Een dag later kom ik terug van het werk wanneer op de website van De Standaard lees dat de grootste spoorvakbonden een stakingsaanvraag hebben ingediend. Ik ontplof bijna wanneer ik te weten kom dat deze actie uitgerekend op woensdag zou plaatsvinden. Aangezien de geplande staking nog niet definitief en officieel was, besluit ik om af te wachten. Maar een paar dagen later is het wél officieel. Ook wordt er melding gemaakt van het feit dat er 'grote hinder' zou zijn voor het internationaal spoorverkeer. 

Ik rep mij tussen het werk door naar het Connections-filiaal in Antwerpen. Op dat ogenblik was ik uitermate blij dat ik mijn treintickets via een reisbureau en niet zelfstandig via het internet geboekt had. Na een heen en weer geloop, getelefoneer en geargumenteer slaagde de medewerkster erin om mijn traject Brussel - Keulen om te boeken naar dinsdag 2/10. 

Last-minute wijziging
Maar daar eindigt het verhaal nog niet. Gisteren (ma 1/10) kreeg ik nogmaals een telefoontje van de eerdergenoemde reisagente om te vermelden dat de NMBS mijn omboeking NIET goedkeurde. Ze stelden wel voor om via Aken te reizen op dinsdag, daar te overnachten en op woensdag naar Keulen door te reizen. Vandaaruit zou mijn normale reis zich vervolgen. 

Spanning genoeg gisteren, toen ik nog op het nippertje een (redelijk geprijsde) verblijfplaats in Aken moest vinden. Maar ik moet zeggen dat ondanks dit alles ik uiteindelijk wel gesteld ben. Met dank aan Connections! 

zondag 23 september 2012

2209

Finally, the sun breaks through the scarily cloudy heavens above. It joyfully brightens up this dreadful train I'm in. I guess now is a good start to start telling you about the 'october-project'. It all started about eight months ago in January. Me and a friend met up at Starbucks to discuss a shared point of interest. A trip to New York and DC. It would be an amazing two week stroll through what may possibly be the two most significant cities in American history. Except for the actual bookings we had everything settled. We had the money, I arranged my two weeks off of work, found the perfect flights and a great hotel in New Jersey.

Unfortunately, that's not how it turned out. Due to unforeseen circumstances my friend had to blow off the trip. This obviously opened new adventurous possibilities. Two full weeks off of work, which I fill in freely.

This Ladies and Gentlemen is the start of the October Project.

More coming very soon.